De Cisterciënzers ontstonden in 1098, toen een groep monniken onder leiding van Robertus van Molesme zich in het afgelegen Cîteaux in Bourgondië terugtrok om de Regel van Sint-Benedictus in alle zuiverheid te beleven. Zij verlangden naar meer eenvoud, stilte en armoede dan in veel kloosters van hun tijd gebruikelijk was.
Onder invloed van de heilige Bernardus van Clairvaux groeide de orde in de twaalfde eeuw uit tot een van de meest invloedrijke bewegingen van de middeleeuwen. Het ideaal bleef altijd hetzelfde: een sober, beschouwend leven, geheel toegewijd aan God, gedragen door gebed en handenarbeid.
Deze kloosters en abdijen behoren tot deze orde. Plan je bezoek en ervaar de stilte en gastvrijheid zelf.
Abdij Onze Lieve Vrouw van het Heilig HartNaast een leven van gebed en werk verlenen de monniken een essentiële dienst aan de gemeenschap. Iedereen die stilte en rust heilzaam…
Abdij Onze Lieve Vrouw van St. Joseph – ‘Lilbosch’Hoor je tot de mensen die een druk en complex leven hebben en daarvan af en toe éven wat afstand zouden willen…
Klooster SchiermonnikoogIn het gastenhuis hopen we een klimaat te scheppen waar gasten onze levenswijze kunnen navolgen en kunnen delen in ons gebed.Aan het einde van de elfde eeuw vonden sommige monniken dat het kloosterleven te ver was afgedwaald van het oorspronkelijke ideaal van Sint-Benedictus. In 1098 stichtten Robertus van Molesme en zijn metgezellen daarom een nieuw klooster in Cîteaux (Latijn: Cistercium), waaraan de orde haar naam ontleent.
Zij kozen bewust voor afzondering, soberheid en eigen handenarbeid. De grote bloei kwam met de heilige Bernardus van Clairvaux, die in 1112 met dertig gezellen intrad en talloze nieuwe stichtingen inspireerde. Binnen enkele generaties verspreidden de Cisterciënzers zich over heel Europa.
Cisterciënzers zijn monniken en monialen die leven volgens de Regel van Sint-Benedictus, met een sterke nadruk op eenvoud en innerlijke stilte. Hun spiritualiteit is beschouwend: zij zoeken God in het verborgene, ver van het rumoer van de wereld.
Soberheid kenmerkt alles — van de kale, lichte architectuur van hun kerken tot hun kleding en levensstijl. Door eigen arbeid voorzien de gemeenschappen in hun levensonderhoud, waardoor veel abdijen bekend staan om hun ambachtelijke producten.
Het leven in een Cisterciënzerabdij draait om het Benedictijnse ideaal ora et labora — bid en werk. De dag is strak geritmeerd door gebed, arbeid, lezing en stilte.
“Alle gasten die aankomen, moeten worden ontvangen als Christus zelf,” schrijft Sint-Benedictus in zijn Regel. De Cisterciënzers nemen dit ter harte: hun gastenhuizen staan open voor wie behoefte heeft aan stilte en bezinning.
Gasten kunnen deelnemen aan het getijdengebed, wandelen in de stilte van het domein of zich terugtrekken voor gebed en rust. Een verblijf in een Cisterciënzerabdij is een uitnodiging om de eenvoud en de vrede van het monastieke leven te proeven.